Wadjiek (Kwee-wajé).

184. Wadjiek (Kwee-wajé).

Vijf ons witte ketan, goela-djawa naar smaak (plm. 4 à 5 ons), twee klappers.

De ketan kookt men gaar; de twee klappers worden gerapst en (met lauw water vermengd) daarvan santen geperst.

[98:] Deze santen wordt nu met de goela-djawa opgekookt, tot de olie er uit komt. Dan roert men er de gekookte ketan goed door, tot het een gelijke bruine massa wordt, geen klonters. Is ze niet zoet genoeg, dan voegt er nog goela-djawastroop bij.

Men stort de wadjiek daarna uit in een groote schaal, waarna ze gelijk wordt gestreken; koud geworden, snijdt men deze lekkernij in ruit vorm of in driehoekige stukjes, waarna ze voorgediend kan worden.

Comments are closed.

5 visitors online now
5 guests, 0 members
Max visitors today: 11 at 08:23 am GMT-1
This month: 11 at 02-05-2012 08:23 am GMT-1
This year: 25 at 01-18-2012 09:17 pm GMT-1
All time: 156 at 02-18-2011 02:52 pm GMT-1