Sambel âti (Sambel van lever).
116. Sambel âti (Sambel van lever).
Twee ons gekookte lever, aan dobbelsteentjes gesneden drie lepels fijngesneden uien, vier knoflookpitten fijngesneden, twee lomboks, een halve eetlepel fijne laos, een eetlepel fijngesneden seréh, anderhalf theelepeltje zout, ¼ theelepeltje suiker, een paar lepels assem water dan wel citroensap, een paar djeroekpoeroet- en laurierbladeren, drie kopjes santen of melk, boter of klapperolie.
Men stampt de uien en de specerijen (niet de bladeren) met elkander fijn en bakt ze op in twee volle lepels boter of olie. Daarna voegt men er de lever, dan het assemwater of citroensap bij, vervolgens de bladeren en de seréh en eindelijk de krie kopjes santen of melk. Dit laat men koken tot het dik is.
Zoo maakt men ook: