6. Gele rijst.

6. Gele rijst.

Om deze rijst smakelijk te bereiden neemt men een grooten klapper. Verdere benoodigdheden zijn: 1 lepel [5:] zout, 1 1/2 theelepel fijne seréh, ongeveer 1 theelepel koenjit, 3 à 4 djeroekpoeroet bladeren: kleine fijne selderijblaadjes, fijngesneden gebraden uitjes, fijngesneden schijfjes komkommers, een paar aan schijfjes gesneden hard gekookte eierèn en 1/2 kopje gebraden katjang bras.

De klapper wordt geraspt en hiervan dikke en dunne santen gemaakt.

De rijst wordt nu met de dunne santen en de specerijen, aangegeven tot en met djeroekpoeroet bladeren, gekookt als in nu. 1; nu en dan moet ze geroerd worden, om de koenjit goed te vermengen, opdat de rijst een gelijke gele kleur krijgt.

Daarna voegt men, als de rijst halfgaar is, de dikke santen er bij en laat de rijst verder gaar koken.

Wordt deze rijst voorgediend, dan worden de verder opgegeven ingrediënten, als versiering en voor den aangenamen smaak, er om heen gerangeerd.

Comments are closed.

5 visitors online now
5 guests, 0 members
Max visitors today: 11 at 08:23 am GMT-1
This month: 11 at 02-05-2012 08:23 am GMT-1
This year: 25 at 01-18-2012 09:17 pm GMT-1
All time: 156 at 02-18-2011 02:52 pm GMT-1