5. Rijst met gehakt.
[4:] 5. Rijst met gehakt.
Een half pond runder- en evenveel varkens- of kalfsgehakt, 2 eieren, 1 theelepel kruidnagelgruis, 1 theelepel notemuskaat, 3/4 theelepel fijne peper, 2 theelepels zout, 4 of 5 sneetjes geweekt brood; 4 kruidnagels, een paar stukjes foeli, boter en 2 stuks daon-salam.
Men maakt eerst een bal gehakt met al de hierboven opgegeven ingrediënten tot en met geweekt brood.
Daarna kookt men de rijst bijna gaar met de verder opgegeven specerijen.
Is de rijst bijna gaar, dan neemt men er van ’t midden een bordvol uit, doet in de opening de boter (1 à 2 lepels en daarop het gehakt, dat men bedekt met het bord uitgeschepte rest, gelijkelijk er over gespreid; vervolgens begiet men dit alles met een kopje water, maakt den pot goed dicht, ‘bedekt het deksel in de rondte met een doek, zoodat de wasem binnenblijft en laat dit op een zacht vuur goed gaar koken.
Mocht het gehakt dan nog niet overal even gaar zijn, dan moet het in de rijst worden omgedraaid, waartoe dezelfde bewerking, als hierboven is aangegeven en bedekt het vleesch weer met de uitgeschepte rijst en laat dit warm blijven boven een zacht vuur. Wordt de rijst wat droog, dan giet men er nog een weinig bouillon of water over en bedekt het geheel.